Verre Objecten
Pleiaden (M45)

Het "Zevengesternte" dat al duizenden jaren met het blote oog te zien is, blijkt door een telescoop een gezelschap van meer dan duizend sterren. De Pleiaden zijn een van de meest herkenbare sterrenhopen aan de nachthemel — al beschreven door oude culturen over de hele wereld, lang voordat er telescopen bestonden. Galileo Galilei was in 1610 de eerste die er een telescoop op richtte en meteen tientallen extra sterren ontdekte die met het blote oog onzichtbaar bleven.
Wat zie je hier?
Met het blote oog tel je meestal zes tot zeven heldere sterren — vandaar bijnamen als "Zevengesternte" en "Seven Sisters" — maar de hoop bevat in werkelijkheid meer dan duizend sterren, ontstaan uit dezelfde gaswolk zo'n 100 miljoen jaar geleden. Dat is nog piepjong op sterrenschaal: de zon is bijna vijftig keer zo oud.
De blauwwitte, wazige gloed rond de heldere sterren op deze foto komt niet van het materiaal waaruit de sterren ontstonden — dat is allang verdwenen. Het is toevallig stof uit een compleet andere, niet-verwante wolk, die de Pleiaden op dit moment in hun baan door de Melkweg doorkruisen. De heldere sterren verlichten dat stof simpelweg in het voorbijgaan, zoals koplampen mist laten oplichten.
De oneindigheid in perspectief
- Het licht dat je vanavond ziet, vertrok 445 jaar geleden — rond de tijd dat Galileo net was geboren en er nog geen enkele telescoop bestond.
- Met meer dan duizend sterren die nog altijd los van elkaar door de ruimte bewegen, is deze hoop een momentopname: over enkele honderden miljoenen jaren trekt de zwaartekracht van de Melkweg de sterren uit elkaar en verspreiden ze zich, ieder hun eigen weg.
- Bij een leeftijd van ongeveer 100 miljoen jaar zijn de Pleiaden nog te jong om ooit dinosauriërs op aarde te hebben beschenen — hun licht begon pas te schijnen ruimschoots ná het uitsterven van de dinosauriërs.