Verre Objecten
Vuurwerkstelsel (NGC 6946)

Geen enkel ander bekend sterrenstelsel heeft er zoveel sterren zien ontploffen als dit spiraalstelsel — vandaar de bijnaam Vuurwerkstelsel. Sinds 1917 zijn er in NGC 6946 tien supernova's waargenomen, en het stelsel blijft astronomen verrassen: in 2017 ving NASA's röntgentelescoop NuSTAR er een mysterieuze lichtbron op die binnen twee weken tijd van vrijwel niets naar helder oplichtte.
Wat zie je hier?
NGC 6946 is een "tussenvorm"-spiraalstelsel: het heeft losjes gewonden spiraalarmen vol stervormingsgebieden, zonder de strak doorlopende balk die je bij een echt staafspiraalstelsel ziet. Die spiraalarmen zijn ongewoon rijk aan gas en stof, en dat vertaalt zich direct in een hoog tempo van stervorming — precies het recept voor massieve, kortlevende sterren die eindigen in een supernova-explosie. Sinds de eerste waarneming in 1917 zijn er tien bevestigd, verspreid over de hele twintigste en vroege eenentwintigste eeuw: een record voor een enkel sterrenstelsel.
De blauwe en groene stippen op deze opname zijn geen sterren, maar röntgenbronnen die NuSTAR in mei 2017 mat. Blauw markeert wat de telescoop zag tijdens de eerste meting; groen wat er elf dagen later zichtbaar was. De bron linksonder van het centrum lichtte in die korte tussentijd op uit het niets — een teken dat er iets compacts en extreems is veranderd, mogelijk een neutronenster of zwart gat dat gas van een begeleidende ster opslokt. Twee bronnen bovenin het beeld waren tijdens beide metingen al zichtbaar, vandaar hun mix van blauw en groen.
De oneindigheid in perspectief
- Het licht dat je hier ziet is ruim 20 miljoen jaar onderweg geweest — het vertrok lang voordat de eerste mensachtigen op aarde verschenen.
- Met een diameter van ongeveer 40.000 lichtjaar is NGC 6946 kleiner dan onze Melkweg, maar toch verreweg superieur qua "vuurwerk": tien waargenomen supernova's sinds 1917 is meer dan in enig ander bekend sterrenstelsel.
- Een van de sterren in NGC 6946, ruim 25 keer zo zwaar als de zon, werd in 2009 tijdelijk meer dan een miljoen keer helderder dan onze zon — en verdween daarna spoorloos. Astronomen vermoeden dat hij direct in elkaar stortte tot een zwart gat, zonder de klassieke supernova-explosie die je bij zo'n massieve ster zou verwachten.