Kosmos

24 juli 1969: de behouden terugkeer van Apollo 11

De Apollo 11-astronauten wachten in een reddingsvlot in de Grote Oceaan terwijl een reddingszwemmer het luik van de capsule sluit, na de behouden terugkeer op 24 juli 1969
Terug op aarde. Armstrong, Aldrin en Collins wachten in het reddingsvlot terwijl een pararescueman het luik van de Columbia sluit, kort na de landing in de Grote Oceaan.Beeld: NASA/Marshall Space Flight Center (publiek domein)

Vier dagen nadat Neil Armstrong als eerste mens voet op de maan zette, moest de missie nog één cruciale horde nemen: veilig terugkeren naar de aarde. Op 24 juli 1969 spatte de commandomodule Columbia met Armstrong, Buzz Aldrin en Michael Collins aan boord neer in de Grote Oceaan — het slot van een reis die niet alleen technisch, maar ook fysiek en mentaal tot het uiterste ging. Wat volgde was een verrassend onderdeel van de missie dat vandaag de dag bijna vergeten is: drie weken quarantaine.

De laatste etappe van de reis

Na 21,5 uur op het maanoppervlak en de succesvolle koppeling van de Eagle terug aan de Columbia in een baan om de maan, begon op 22 juli de driedaagse terugreis naar de aarde. Onderweg was er weinig te doen behalve wachten, navigeren en — in de woorden van de bemanning later — genieten van het uitzicht op een steeds groter wordende blauwe planeet.

Vlak voor het bereiken van de dampkring werd de service module afgestoten, waarna alleen de kleine, hitteschildbeklede commandomodule overbleef. Die kwam de dampkring binnen met een snelheid van bijna 40.000 kilometer per uur, waarbij de wrijving met de lucht het hitteschild tot duizenden graden verhitte terwijl de cabine zelf comfortabel bleef.

Neerspatten in de Grote Oceaan

Om 16:50 uur UTC (11:49 uur lokale tijd) op 24 juli 1969 spatte de Columbia neer in de Grote Oceaan, ongeveer 1.500 kilometer ten zuidwesten van Hawaï — slechts zo'n 22 kilometer van het geplande herstelschip, de USS Hornet. De capsule kwam na de landing ondersteboven in het water te liggen, maar werd binnen tien minuten door opblaasbare drijfzakken rechtop geduwd.

Duikers van de marine bevestigden een vlotter aan de capsule en hielpen de drie astronauts uit het luik. Wat volgde was ongebruikelijk voor een heldenontvangst: in plaats van direct te worden binnengehaald, trokken Armstrong, Aldrin en Collins eerst biologische isolatiepakken aan, uit voorzorg tegen onbekende maanmicroben.

Drie weken quarantaine

  • De Mobile Quarantine Facility. Direct na aan boord komen van de USS Hornet gingen de astronauten in een verbouwde Airstream-caravan, waar ook president Richard Nixon hen — via het raam — persoonlijk kwam feliciteren.
  • Het Lunar Receiving Laboratory. Na de bootreis naar Houston verhuisde de bemanning naar een speciaal quarantainelab, waar ook de meegebrachte maanstenen werden onderzocht op tekenen van leven.
  • 21 dagen in totaal. Pas op 10 augustus 1969 werden Armstrong, Aldrin en Collins vrijgegeven — geen spoor van maanmicroben gevonden. Latere Apollo-missies kregen dezelfde quarantaineprocedure, tot die na Apollo 14 werd losgelaten omdat het risico verwaarloosbaar bleek.

Veelgestelde vragen

Wanneer landde de Apollo 11-capsule terug op aarde?

Op 24 juli 1969 om 16:50 uur UTC, in de Grote Oceaan, ongeveer 1.500 kilometer ten zuidwesten van Hawaï.

Waarom moesten de astronauten in quarantaine?

Uit voorzorg tegen mogelijke onbekende maanmicro-organismen — 21 dagen in een Mobile Quarantine Facility en het Lunar Receiving Laboratory in Houston.

Hoe snel ging de Columbia bij terugkeer in de dampkring?

Bijna 40.000 kilometer per uur, afgeremd door wrijving met de lucht voordat de parachutes de laatste daling verzorgden.