Missies
Chang’e Maanprogramma

Genoemd naar de Chinese maangodin, en verantwoordelijk voor een reeks primeurs die tien jaar geleden nog ondenkbaar leken. Het Chinese Chang'e-programma stuurde sinds 2007 een reeks orbiters, landers en rovers naar de maan, en groeide uit tot een van de meest ambitieuze maanverkenningsprogramma's van deze eeuw.
Welke mijlpalen zijn er bereikt?
Chang'e-4 landde in januari 2019 als eerste ruimtetuig ooit op de verre kant van de maan — de kant die vanaf de aarde nooit te zien is. Omdat directe radiocontact daar onmogelijk is, gebruikte China de relaissatelliet Queqiao, die in een baan achter de maan hangt om signalen door te geven. De meegereisde rover Yutu-2 ("Jade Konijn") rijdt er nog altijd rond.
Chang'e-5 bracht in 2020 voor het eerst sinds de jaren zeventig weer maanmonsters terug naar de aarde, en Chang'e-6 haalde in 2024 als allereerste missie ooit monsters op van de verre kant van de maan — gebied dat qua geologie duidelijk verschilt van de zijde die wij kennen.
In perspectief
- De verre kant van de maan ligt slechts enkele duizenden kilometers verder dan de nabije kant, maar was tot 2019 volledig onbereikbaar voor directe communicatie — een kwestie van meetkunde, niet van afstand.
- De maanmonsters van Chang'e-6 kwamen uit het Zuidpool-Aitkenbekken, een van de grootste en oudste inslagbekkens in het hele zonnestelsel — de bodem ervan bewaart sporen van gebeurtenissen van miljarden jaren geleden.
- China bouwt het Chang'e-programma gestaag uit richting een bemande maanlanding en een geplande onderzoeksbasis nabij de maanzuidpool in de jaren 2030.