Verre Objecten

Heksenkopnevel (IC 2118)

Infraroodportret van de Heksenkopnevel: golvende, wolkachtige structuren van gas en stof tegen een sterrenrijke achtergrond
De Heksenkopnevel in infrarood, opgenomen door NASA's Wide-field Infrared Survey Explorer (WISE) — de golvende wolken zijn plekken waar stof door sterlicht wordt opgewarmd en waar mogelijk nieuwe sterren broeien.Beeld: NASA/JPL-Caltech (publiek domein)

Een spookachtige, blauwgrijze wolk van gas en stof die haar gloed niet aan een eigen ster te danken heeft, maar aan het felle licht van haar buurman: de superreuzenster Rigel. De Heksenkopnevel (IC 2118) dankt haar naam aan de gelijkenis met het profiel van een schreeuwende heks in klassieke, zichtbaar-lichtopnames. Ze staat in het sterrenbeeld Eridanus, net over de grens met het beroemdere Orion, vlak naast een van de helderste sterren aan onze winterhemel.

Wat zie je hier?

IC 2118 is een reflectienevel: in tegenstelling tot een emissienevel produceert ze geen eigen licht, maar kaatst ze het licht van een nabije ster terug — in dit geval dat van Rigel, de blauwwitte superreus in het sterrenbeeld Orion. Stofdeeltjes in de nevel weerkaatsen blauw licht net iets beter dan rood, wat de wolk haar kenmerkende koele, blauwige tint geeft wanneer ze in zichtbaar licht wordt gefotografeerd. Op deze infraroodopname van WISE zie je iets anders: hier gloeit vooral het stof zelf op, opgewarmd door de straling uit de omgeving.

De nevel is opvallend zwak — een van de zwakste bekende objecten van haar soort — en radiowaarnemingen laten zien dat er binnenin substantiële hoeveelheden koolstofmonoxide aanwezig zijn, een teken van dichte moleculaire wolken. Astronomen hebben er zelfs kandidaat-protosterren en jonge T Tauri-sterren in ontdekt: IC 2118 blijkt dus niet alleen een lichtspiegel te zijn, maar ook een kraamkamer voor nieuwe sterren. Ze maakt vermoedelijk deel uit van de buitenrand van de Orion-Eridanus-superbel, een enorme door hete sterren opgeblazen gasbel.

De oneindigheid in perspectief

  • Het licht dat je hier ziet, deed er zo'n 900 jaar over om ons te bereiken — het vertrok rond de tijd dat in Europa de eerste gotische kathedralen werden gebouwd.
  • De nevel zelf licht niet zelf op: ze is een kosmische spiegel die het licht van Rigel, dat op zijn beurt ook al 900 jaar onderweg is, nog eens doorstuurt in onze richting.
  • Diep in de wolk vormen zich op dit moment nieuwe sterren — sterren waarvan het licht pas over duizenden jaren voor het eerst een telescoop zal bereiken.