Verre Objecten
Vlammennevel (NGC 2024)

Vlak naast de meest oostelijke ster van Orions Gordel gloeit een wolk waterstofgas die eruitziet alsof hij letterlijk in brand staat. De Vlammennevel (NGC 2024) dankt zijn naam aan de donkere stofbanen die dwars door het gloeiende gas lopen — vanaf de aarde gezien lijken het net vlammen en rook. Ontdekt door William Herschel op 1 januari 1786, blijkt de nevel achter dat "vuur" een van de actiefste stervormingsgebieden in onze kosmische achtertuin te herbergen.
Wat zie je hier?
De felle ultraviolette straling van Alnitak, de meest oostelijke ster in Orions Gordel, ioniseert het waterstofgas in de wolk ernaast en laat het roodgloeiend oplichten. Dichter bij de kern van de nevel lopen dikke, donkere stofbanen dwars door dat gloeiende gas — ze absorberen het licht van de sterren erachter en geven de nevel zo zijn karakteristieke, vlammende uiterlijk. In zichtbaar licht is de kern van de Vlammennevel daardoor grotendeels aan het oog onttrokken.
Pas met röntgen- en infraroodtelescopen zoals Chandra en Spitzer werd duidelijk hoeveel er binnenin schuilgaat: een compacte sterrenhoop van meer dan 800 jonge sterren, waarvan de meeste nog te jong en te diep ingebed zijn om in gewoon licht zichtbaar te zijn. Het is een van de dichtstbijzijnde plekken waar astronomen massale stervorming rechtstreeks kunnen bestuderen.
De oneindigheid in perspectief
- Het licht dat je nu ziet vertrok ongeveer 1.400 jaar geleden — rond de tijd dat in Europa de vroege middeleeuwen begonnen.
- De nevel maakt deel uit van het Orion-moleculairewolkcomplex, dezelfde reusachtige kraamkamer die ook de beroemde Orionnevel en de naburige Paardenkopnevel voortbracht.
- De honderden jonge sterren die nu in de Vlammennevel geboren worden, zijn nog maar enkele miljoenen jaren oud — in sterrentermen nog in de wieg, terwijl onze eigen zon er al 4,6 miljard jaar op zit.