Telescopen
Very Large Telescope

Vier identieke reuzentelescopen, gebouwd op een van de droogste en donkerste plekken op aarde. De Very Large Telescope (VLT) van de European Southern Observatory (ESO) staat op Cerro Paranal, hoog in de Atacamawoestijn in Chili, waar de lucht zelden bewolkt is en vrijwel geen lichtvervuiling het zicht op de sterren verstoort.
Hoe werkt de VLT?
Elke van de vier hoofdtelescopen heeft een spiegel van 8,2 meter doorsnede, groot genoeg om het licht van sterrenstelsels miljarden lichtjaren ver op te vangen. Via het Very Large Telescope Interferometer (VLTI) kunnen de vier telescopen hun licht ook combineren, waardoor ze samen details kunnen waarnemen alsof het om één telescoop ter grootte van de afstand tussen de koepels gaat.
De VLT leverde onder meer het bewijs voor een superzwaar zwart gat in het centrum van onze Melkweg (met dank waaraan onderzoekers in 2020 de Nobelprijs kregen), en fotografeerde als een van de eerste telescopen ooit een planeet rond een andere ster rechtstreeks.
In perspectief
- Cerro Paranal ligt op ruim 2.600 meter hoogte, boven het grootste deel van de waterdamp in de atmosfeer die sterlicht anders zou verstoren — vandaar de keuze voor deze afgelegen bergtop.
- De vier spiegels van de VLT zijn zo nauwkeurig geslepen dat oneffenheden kleiner zijn dan een miljoenste millimeter — vergelijkbaar met het gladstrijken van heel Europa tot een afwijking van hooguit enkele centimeters.
- De VLT observeert al meer dan 25 jaar en blijft, ondanks de komst van nieuwere reuzentelescopen, een van de productiefste optische observatoria ter wereld.